klein 2. Bewaak je identiteit

Handleiding Groep 2 Les 2

Naar wie kijk je graag in de media? Op wie lijk jij?

Thema 2

Bewaak je identiteit

Kinderen leren hun eigen identiteit te verkennen aan de hand van mediafiguren. Ze leren karaktereigenschappen of uiterlijke kenmerken te associëren met de ‘characters’ (personages) die ze graag zien op televisie, in films, tv of op het internet. In deze les leggen we dus een duidelijke link naar de media. 

Benodigdheden:
Beeldmateriaal 2.2

A. Inleiding: kringgesprek                                     10 minuten.

  • Stel de klas de volgende vragen:
    • Wie van jullie kijkt er wel eens tv?
    • Wie vind je het leukst op tv?
    • Waarom? Vertel ook eens welke avonturen hij/zij/het allemaal beleeft?
  • Vraag hetzelfde over de computer en tablet:
    • Wie speelt er wel eens spelletjes op de computer?
    • Wie speelt er wel eens spelletjes op de tablet/iPad of mobiele telefoon?
    • Wie zie jij in die spelletjes?
    • Vind je hen leuk om te zien?
    • Waarom? Vertel eens waar hij/zij/het (de character / het personage) erg goed in is?

  • De kinderen hebben nu een moment gehad om te bedenken wie ze allemaal zien in de media, wie ze leuk vinden en waarom. In het volgende deel van de les gaan ze zichzelf vergelijken met bekende mediafiguren.

B. Heldenspel                                                      15 minuten.

  • Laat het Beeldmateriaal 2.2 zien. Dit zijn afbeeldingen van characters/personages die voorkomen in spelletjes of televisieprogramma’s voor kinderen. Vraagt u bij elke afbeeldingen een aantal kinderen het volgende:
    • Wie is dit?
    • Hoe weet je dat / waar kan je dat aan zien?
    • Waar is hij/zij/het erg goed in? Wat maakt hij/zij/het allemaal mee?
    • Lijk jij op hem of haar?
    • Waarom? (laat de kinderen hierover even nadenken, het is best een moeilijke vraag!)

De characters in het Beeldmateriaal 2.2 zijn:

  1. Spongebob Squarepants
  2. Olaf van ‘Frozen’
  3. Bomba
  4. Één van de Minions
  5. Maya de Bij
  6. Jokie (te zien bij Nickelodeon Junior)2.2
  7. Dora
  8. De laatste afbeelding laat de characters zien, die komen uit de recente film ‘Binnenstebuiten’ van Pixar. De film laat het ‘hoofdkwartier’ zien van een meisje, waar verschillende emoties een belangrijke rol spelen. De characters stellen dan ook de volgende basisemoties voor (van links naar rechts op de afbeelding):
    1. Afkeer (groen)
    2. Plezier (geel)
    3. Boosheid (rood)
    4. Verdriet (blauw)
    5. Angst (paars)
  • Vraag aan de kinderen of zij de film misschien gezien hebben en of zij deze emoties of gevoelens kennen. Zo niet, leg deze in eigen woorden uit aan de kinderen. Vraag dan of zij en wanneer zij deze emoties wel eens voelen. In welke situatie? En hoe is dat? Laat de kinderen dit even op hun eigen manier uitleggen. Dit is een goede voorbereiding op de volgende les en ook op de lessen van groep 3.
  • Laat elk kind daarna voor zichzelf verzinnen op welke van de characters, die zij in alle afbeeldingen gezien hebben,  zij het meest lijken. Laat hen uitleggen waarom. Laat desnoods de 9 afbeeldingen nogmaals zien.
  • Sluit de les af.