slot

Handleiding Groep 6 Les 6

Wat deel je en met wie?

Thema 6

Bescherm je privacy

Deze les gaat over het beschermen van de persoonlijke gegevens door middel van een cirkelspel. De leerlingen tekenen op een A4 vel of zelfs op een A3 vel eerst 5 cirkels, zoals hieronder weergegeven. Daarna gaan zij daarin aangeven welke persoonlijke gegevens zij met wie zouden delen en waarom of waarom niet.

  • Benodigdheden:

Vellen papier van A4 formaat of groter

Beeldmateriaal 6.6

Handleiding Bodyscan

Internettoegang voor digitale paspoorten

A. Inleiding:                                                                     10 minuten.

  • Leg uit aan de klas dat deze les gaat over welke gegevens jij over jezelf deelt met anderen. Stel hen ter inleiding de volgende vragen:
    • Wat zijn persoonlijke gegevens eigenlijk? Geef eens een paar voorbeelden.
    • Deel je je persoonlijke gegevens zomaar met anderen? Waarom of waarom niet?
    • Wat zou er kunnen gebeuren als je je persoonlijke gegevens deelt met de verkeerde mensen?

Denk daarbij aan het doorverkopen van gegevens aan bedrijven, zodat deze jou reclame kunnen sturen of aan het misbruik maken van de gegevens, door een inbraak te plegen als je weet dat iemand op vakantie is. Misbruik kan ook bestaan uit het sturen van vervelende berichten of uit het je benaderen voor ‘verkeerde dingen’.

 B. Het cirkelspel                                                                  15 minuten.

Geef de volgende opdracht: Teken 5 cirkels op het grote papier (Zie het voorbeeld in de eerste sheet van het Beeldmateriaal 6.6). Schrijf dan het volgende in de cirkels, te beginnen in de middelste cirkel:

  • IK
  • MIJN KLASGENOTEN
  • ONLINE VRIENDEN/BEKENDEN
  • ONLINE BEDRIJVEN
  • ONLINE VREEMDEN

Laat de leerlingen het papier desnoods een beetje versieren, zodat het echt hun eigen cirkels worden. Ze kunnen bijvoorbeeld elke cirkel een kleur geven of er tekeningen bij maken.  

C. Denk-pauze:                                                                                5 minuten.

  • Leg eerst uit dat je straks een aantal voorbeelden van persoonlijke gegevens gaat laten zien en dat je aan de leerlingen wilt vragen om te voelen met wie zij deze gegevens zouden delen en met wie niet en waarom.

Doe dan eerst de denk-pauze.  Om goed te kunnen voelen, gaan we zo weer even één minuut stil zijn en onze aandacht richten op onszelf door allemaal even onze ogen dicht te doen. Lees eventueel weer de Bodyscan handleiding voor, terwijl de leerlingen hun ogen dicht hebben.

D. Vervolg cirkelspel                                                          

  • Laat daarna één voor één de beelden (voorbeelden van persoonlijke gegevens) uit het beeldmateriaal 6.6 zien. Laat hen na elk beeld even de ogen sluiten om te voelen met wie zij deze informatie over zichzelf zouden delen en met wie niet. Laat hen daarna de voorbeelden van persoonlijke gegevens in de cirkels schrijven van de mensen met wie zij het zouden delen.
  • Wanneer de leerlingen het hebben opgeschreven, kunt u het steeds even klassikaal bespreken. Laat de kinderen hun motivaties goed uitleggen. Waarom wel of waarom niet? Daardoor leren zij ook van elkaar.

E. Motivatie en strategie – Waarom en Hoe?                             10 minuten.

Motivatie – Waarom?

  • Stel de leerlingen de motivatievraag: Waarom is het voor jou belangrijk om jouw persoonlijke gegevens niet zomaar met iedereen te delen?
  • Laat hen deze opschrijven op het papier met de cirkel. Laat hen deze ‘motivatie’ daarna online invullen bij de juiste groep en de juiste les in hun eigen digitale paspoort. Dat mogen zij natuurlijk ook thuis doen.

Strategie – Hoe?

  • Stel de leerlingen daarna de strategievraag: Wat ga jij doen om te zorgen dat je jouw persoonlijke gegevens niet zomaar met iedereen deelt? Bijvoorbeeld: ik tel tot 10 voordat ik mijn persoonlijke gegevens met iemand deel.
  • Laat hen ook deze ‘strategie’ opschrijven. Daarna kunnen zij het  bij de juiste groep en de juiste les in hun digitale paspoort bijschrijven. Dat mogen zij ook thuis doen na school.
  • Laat hen vervolgens nadenken over hoe zij zichzelf in de dagelijkse praktijk kunnen helpen herinneren aan deze strategie. Bijvoorbeeld: ik hang een briefje op in mijn kamer of ik maak een notitie in mijn smartphone, zodat ik het niet vergeet. 
  • Sluit de les af.